Vitamine E

Vitamine E zorgt ervoor dat spieren, zenuwen en vele interne processen bij het paard optimaal kunnen werken.

De meest bekende functie van Vitamine E is als anti-oxidant, namelijk het neutraliseren van het teveel aan schadelijke vrije radicalen, die celwanden, DNA en andere vitale structuren beschadigen. Een teveel aan vrije radicalen ontstaat bv. spontaan in de spieren van het paard gewoon tijdens beweging, en in toenemende mate tijdens intensieve training.

Ook zenuw- en immuun-cellen – m.a.w. cellen die veel energie verbruiken – worden door Vitamine E beschermd.

Bij tekorten aan Vitamine E bij paarden in training is de kans zeer groot dat spierpijn en een tragere recovery optreedt.

Neuromusculaire aandoeningen, waarvoor ook een verband met een Vitamine E tekort werd aangetoond, zijn: Equine Motoneuron Disease (EMD): paarden verliezen spiermassa wat tot dood kan leiden; Degeneratieve Myeloencephalopathy: aantasting van zenuwen wat speciaal bij jonge paarden leidt tot o.a. ataxie; Witspier ziekte: degeneratie van skeletspieren; Tying up: spierverkramping tijdens of juist na inspanning.

Vitamine E is verder ondermeer ook noodzakelijk voor een correcte spieropbouw.

 

Vitamine E is eigenlijk een verzamelnaam voor een groep van natuurlijk voorkomende isomeren, 4 tocoferolen en 4 tocotrienolen; elk met hun specifieke gerelateerde eigenschappen. De meest bekende is RRR alpha tocoferol (D alpha tocoferol). Belangrijk is wel dat ook de andere isomeren nuttige biologische effecten hebben en dat het een voordeel is de ganse groep te supplementeren daar overdosering van slechts één vorm de opname van de andere vormen kan terugdringen.

In de meeste supplementen wordt omwille van kostprijsredenen enkel het synthetisch racemisch mengsel all-rac-tocoferol (DL alpha tocoferol) gebruikt, waarvan slechts een beperkt gedeelte biologisch actief is (in paard-plasma vindt men 60% à 70% minder terug dan met natuurlijk vitamine E; men mag aannemen dat wat activiteit in de cellen zelf betreft men eerder op minus 70 à 85% ligt).

Vitamine E is vetoplosbaar en wordt opgeslagen in lever en lichaam vetweefsel. Dus de hoeveelheid die niet onmiddellijk gebruikt wordt, kan worden opgeslagen voor gebruik later wanneer de hoeveelheid Vitamine E in het voedsel ontoereikend wordt.

De biologische beschikbaarheid van Vitamine E is ook afhankelijk van de fysische vorm waarin het wordt opgenomen. Vloeibare vormen, zoals in olie, en toepassen van gecoate vormen verhogen de beschikbaarheid.

De Vitamine E groep komt ruim voor in vers, groen gras, maar de hoeveelheid verminderd als het gras rijpt en afsterft.

Bij de productie en stockage van ruwvoer (hooi,…) gaat verder nog 30 à 80 % verloren. Bij alfalfa bv. ging bij een studie 73% van de Vitamine E verloren na slechts 3 maand stockage.

Meestal is het Vitamine E in krachtvoer om kostprijsredenen synthetisch, heeft dus een lage biologische beschikbaarheid. Bovendien wordt het grotendeels in het krachtvoer zelf verbruikt om de oxidatie van de aanwezige vetten te verhinderen.

De basisbehoefte Vitamine E voor paarden in licht werk is minimaal 500 IE (Internationale Eenheden)/dag. Paarden in intensieve training hebben een hogere behoefte van 1.000  à 4.000 IE per dag.

In het geval van gezondheidsproblemen (allergie, tying up, metabolisch syndroom, insuline resistentie, hoefbevangenheid,…) zijn hoeveelheden van 5000 IE aangewezen. Bij revalidatie na chirurgie, ziekte of stress 1500 à 5000 IE. Te hoge hoeveelheden (>>10.000 IE) kunnen leiden tot interferentie met de opname van Vitamine A bij paarden op stal.

Vers groen gras bevat 5 à 15 IE Vitamine E per kg; als een paard van 500 kg in de meest productieve grasgroei-maanden enkel gras zou eten komen we aan een Vitamine E opname van 225 à 1000 IE/dag (Dit betekent wel dat elk paard in die periode 0,3 Ha ter beschikking heeft en dat het gras voldoende groeit). Wanneer echter bv. één derde van het ruwvoer uit hooi bestaat kan de dagelijkse opname snel zakken naar 150 à 850 IE of lager. Wanneer dan in de wintermaandenenkel hooi of voordroog wordt gevoerd en de in het paard gestockeerde Vitamine E is opgebruikt komen we snel tot Vitamine E tekorten zelfs als we enkel rekening houden met de basisbehoeften en is supplementering noodzakelijk.

Ook bij verhoogde behoeften (zie boven) is supplementering te allen tijde duidelijk aangewezen.

 

Er bestaan ook Vitamine E boosters en synergetische ingrediënten.

Als boosters zijn er: Coenzyme Q10, Vitamine C-ester en water en vet-oplosbare druif-polyfenolen waardoor het natuurlijk Vitamine E gehalte met een factor 2 kan geboost worden.

De werking van deze boosters is uitgebreid wetenschappelijk beschreven. Ze slagen erin, wanneer het Vitamine E zijn rol vervuld heeft en in een niet actieve vorm is omgezet, de molecule terug in de actieve vorm om te zetten.

 Voor Rijst fytosteryl-ferulaten werd een synergetische activiteit met Vitamine E aangetoond.

Vita E Gold