Wat kunnen we doen aan EMS, PPID en Cushing, Hoefbevangenheid?

Welke GoldMedics supplementen zijn meest geschikt en hebben hun effect aangetoond?

 

 

  • VITA E PLATINUM als bron van natuurlijk Vitamine E, de ganse groep Vitamine E tocoferolen, maar ook triënolen, vet- en wateroplosbaar Vitamine C en lijnzaadolie. Veruit het krachtigste anti-oxidant supplement op de markt. Zowel preventief als curatief.
  • VITA E GOLD als bron van natuurlijk Vitamine E, de ganse groep Vitamine E tocoferolen en lijnzaadolie. Zowel preventief als curatief.

 

 

  •                           GOLDBIOTICS ICU Equine om darmflora en darmwand te optimaliseren

 

  • FLEX by GOLDMEDICS of FLEX PLATINUM: Ervaring van ons dierenartsen-Team en onze dierenartsen-klanten is dat de collageen-peptiden in het Flex gamma merkelijke verbetering brengt bij hoefbevangenheid.                    

Wat zijn het?

  1. Equine Metabolic Syndrome (EMS):

  • EMS is een metabole stoornis bij paarden die wordt gekenmerkt door obesitas, insulineresistentie en een neiging tot hoefbevangenheid.
  • Het belangrijkste probleem bij EMS is insulineresistentie, wat betekent dat de cellen van het paard niet normaal reageren op insuline, wat leidt tot o.a. verhoogde vetopslag en grotere eetlust
  • Paarden met EMS hebben vaak abnormale vetophopingen, met name in de manenkam en rond de staartwortel.
  1. Pituitary Pars Intermedia Dysfunction (PPID) is hetzelfde als Equine Cushing’s Syndroom:

  • 20% van paarden ouder dan 15 jaar ontwikkelen PPID
  • Zowat elke dierenarts heeft één of meerdere paarden met PPID onder zijn patiënten.
  • PPID is vergelijkbaar met de ziekte van Parkinson bij mensen
  • Het start met oxidatieve schade aan de hersenen. Zenuwcellen van de hypothalamus sturen signalen naar de pars intermedia. Oxidatieve schade doodt die zenuwcellen af, en wanneer dat gebeurt, worden de cellen in de pars intermedia niet langer geremd en beginnen ze te veel hormonen af te scheiden. Als we oxidatieve schade kunnen minimaliseren, zou dit helpen.
  • De overmatige hormonenproductie veroorzaakt een reeks systemische problemen (die niet noodzakelijk allemaal samen voorkomen), waaronder een lange vacht die langzaam uitvalt, spierafbraak, te hoog (vetophoping op bepaalde plaatsen o.a. nek en rond de staart) of te laag gewicht, meer drinken en overmatige urineproductie, verminderde immuunfunctie voor interne parasieten, verminderde integriteit van de darmcelwand, slechte tandkwaliteit, stijve spieren, koliek, onvruchtbaarheid en vatbaarheid voor (huid)-infecties. Sommige paarden met PPID zijn ook vatbaar voor langzaam optredende chronische hoefbevangenheid die onopgemerkt kan blijven totdat de hoefstructuren onherstelbaar zijn beschadigd.
  • Wat meestal het eerste zichtbaar is door de eigenaar zijn lusteloosheid en minder energie van zijn paard.
  1. Hoefbevangenheid:

  • Hoefbevangenheid (laminitis) is een pijnlijke en potentieel verwoestende aandoening die de hoeven van paarden aantast. Het is een ontsteking van de lamellen, die structuren zijn die de hoefwand (de buitenkant van de hoef) met het hoefbeen (het binnenste deel van de hoef) verbinden. Deze ontsteking kan leiden tot beschadiging en verzwakking van deze lamellen en uiteindelijk tot veranderingen in de positie van het hoefbeen binnen de hoef.
  • Het kan worden getriggerd door verschillende factoren, waaronder hormonale onbalans (zoals insulineresistentie) en systemische ziekte.
  • Paarden met EMS of PPID zijn vatbaarder zijn voor het ontwikkelen van hoefbevangenheid.
  • Een toxine van een schadelijke darmbacterie (Streptococcus bovis) is één van de triggers. Komt in de bloedbaan terecht als de permeabiliteit van de darmwand verslecht door o.a. en te hoog gehalte van zetmeel + suikers in de voeding of medicatie
  • Lees ook het separate stukje over hoefbevangenheid

Hoewel EMS, PPID en hoefbevangenheid afzonderlijke aandoeningen zijn, is er vaak een verband tussen hen. Bijvoorbeeld, paarden met EMS kunnen insulineresistentie hebben, waardoor ze gevoeliger zijn voor hoefbevangenheid. Bovendien kan PPID bijdragen aan metabole verstoringen die het risico op hoefbevangenheid verhogen

Wat kunnen we eraan doen?

  1. Managementstrategieën:

Ze omvatten vaak het aanpakken van de onderliggende metabole problemen, het controleren van het lichaamsgewicht, het verstrekken van een dieet met weinig zetmeel en suiker, het beheren van insulineresistentie en aangepast hoefmanagement in geval van hoefbevangenheid.

Dieet kan de meest complexe managementuitdaging zijn bij PPID-paarden vanwege de associatie van de aandoening met insulinedysregulatie en het daarmee samenhangende risico op hoefbevangenheid. We weten dat sommige paarden met PPID al insulinedysregulatie hebben en dat PPID het kan verergeren.

Als het paard problemen heeft met insulinedysregulatie, moeten we de calorieën leveren, maar zeer voorzichtig zijn met de hoeveelheid suikers en zetmeel in het dieet. Naast verhogen van het vezelgehalte is het verhogen van het vetgehalte een mogelijkheid.

Ook parasietbestrijding/ontworming is belangrijk bij PPID-paarden. Paarden met onbehandelde PPID of gevorderde PPID – gevallen die slechts gedeeltelijk reageren op behandeling – kunnen hogere aantallen parasieten hebben.

Voldoende aangepaste beweging blijft belangrijk. Dit en de aanpassing van het dieet zijn trouwens (buiten de supplementen) de enige mogelijke interventies in geval van EMS.

In geval van hoefbevangenheid wordt ook bevochtigen van het hooi aangeraden waardoor de niet-structurele koolhydraten deels verwijderd worden.

  1. Medicatie:

Voor EMS is er tot op heden geen doeltreffende medicatie.

Pergolide, verkocht onder de naam Prascend, is het enige door de FDA goedgekeurde geneesmiddel voor de behandeling van PPID bij paarden. Het moet levenslang genomen worden, maar de effectiviteit neemt af met de jaren.
De effectiviteit hangt ook af van het stadium van de ziekte bij aanvang van de medicatie: Als het paard al een matige of gevorderde ziekte heeft is met Pergolide nog enkel het verminderen van de ernst van de klinische tekenen mogelijk. Het paard kan waarschijnlijk niet terugkeren naar normaal, maar zal verbeterd zijn.

Als er ook hoefbevangenheid vastgesteld wordt, worden meestal NSAID pijn en ontstekingsremmers zoals phenylbutazone (Bute) evenals antibiotica toegediend. Nadeel is de degradatie van de darmwand die bij Bute al na 12 dagen optreedt, waardoor de toxines in de bloedbaan kunnen terecht komen. Aan Bute wordt ook het optreden van maag- en darmzweren toegewezen. Alle NSAID’s en antibiotica leiden tot verslechten van de darmmicrobiota.

Het verminderen/stoppen met Bute om te vervangen door een behandeling met anti-oxidantia (zie hieronder) kan in de eerste 3 à 5 dagen een verergering van de symptomen teweeg brengen, waarbij het paard meer gaat liggen. Maar de afgenomen druk op de laminae zal zorgen dat de anti-oxidantia beter hun werk kunnen doen.

  1. Supplementen:

  • Eén van de meest gebruikte behandelingen in de Verenigde Staten is het zo snel mogelijk toedienen van een hogere dosis natuurlijk Vitamine E. Het wordt er zelfs ook preventief gegeven om het risico op PPID te verlagen. Vitamine E vermindert immers de oxidatieve schade die aan de oorzaak ligt van PPID.
  • Vitamine C, nog een ander anti-oxidans.
  • Stabiliseren van de darmwand en boosten van de gunstige microflora
  • Magnesium om de insuline-productie en -werking terug te verbeteren
  • MSM als ontstekingremmer en ook als zwavelbron nodig om de hoef-laminae te herstellen
  • Lijnzaadolie om de omega 6/omega 3 verhouding te verbeteren en ook als caloriebron bij te magere paarden.